Filmpje van groep 8! #4

Filmpje nummer 4 van dit schooljaar staat online!

In dit filmpje een gevarieerd aanbod aan leuke, grappige, boze, misselijkmakende en ontroerende (??) beelden. Zo zien we:
– Hoe er wel eens wordt omgegaan met woorden flitsen (inclusief duifjesreportage)
– Een paar prachtige close-ups van gezichten
– De kinderen van Hans Klok ????
– Verstoppertje met juf Wilma
– Voetballen met MeezterTom
– Zoë die he-le-maal doordraait!
– Een reportage van de wandeling terug naar school

Veel kijkplezier en vergeet niet te liken en te reageren!

Filmpje van groep 8! #3

Daar is filmpje 3!

In dit filmpje:
– Beelden van het werken aan het project over de tijdlijn.
– Beelden van de gymles met 2-minuten voetbal
– Beelden van het spelen bij het piratenschip op de vrijdag voor de vakantie!

Veel kijkplezier en vergeet niet te liken en te reageren!

Filmpje van groep 8! #2

Jaja, hier is hij dan! Het eerste filmpje met beeldmateriaal van groep 8b! Het heeft even geduurd (het was natuurlijk de afgelopen weken veel te mooi weer om binnen te zitten achter de computer om de video’s te editen, of om te gamen, toch jongens?), maar dan krijg je nu ook wel een topvideo voorgeschoteld!

In deze video:
-De presentatie van de gekke schoolfoto!
-Maken we een verjaardag mee
-Zingen we voor de kinderboekenweek
-En springen we touwtje ;-)

Veel kijkplezier en vergeet niet te liken en te reageren!

Verhaaltjessommen oplossen

Vind jij het lastig om verhaaltjessommen aan te pakken? Of wil je graag uitleg hoe je volgens een vast stappenplan een verhaaltjessom aanpakt, bijvoorbeeld om te gebruiken bij het maken van je huiswerk? Kijk dan zeker naar deze video, want hierin wordt het stap voor stap uitgelegd!

Hier kan je het stappenplan downloaden.
NB: Dit schema is eigendom van Schoolsupport BV, behorend bij Raak Rekenlijn.

Op welke manier leren kinderen verhaaltjessommen oplossen?

De ene leerling houdt er wel van, de ander helemaal niet: verhaaltjessommen (ook wel redactiesommen). In een kort stukje tekst wordt een situatie geschetst met getallen erin, waarna er een som moet worden opgelost. Zo’n som oplossen vraagt meer van een kind dan ‘de getallen eruit pakken en ermee gaan rekenen’. Daarom leren de juffen en meesters de kinderen een stappenplan om verhaaltjessommen aan te pakken en op te lossen. In het kort komt het op het volgende neer:

Stap 1: Lees de som twee keer. Dit is van belang omdat je, als je een som één keer leest, over woordjes heen kan lezen, of iets leest wat er helemaal niet staat.
Stap 2: Bedenk eerst eens goed wat ze willen weten, wat is precies de vraag?
Stap 3: Schrijf in steekwoorden op welke informatie er in de som gegeven staat. Hierbij filteren kinderen overbodige tekst weg.
Stap 4: Schrijf de som op en reken hem uit. Schrijf ook tussenstappen op, zodat je altijd kan terugvinden wat je gedaan hebt. Bijkomend voordeel is dat de juf of meester ook terug kan lezen hoe je een som aangepakt hebt en kan helpen als het fout gegaan is.
Stap 5: Controleer je antwoord. Is het gegeven antwoord wel logisch? Heb je wel echt antwoord gegeven op de vraag?

Stap 1 wordt door de meeste kinderen vluchtig gedaan, stap 2 en 3 worden vaak vergeten, net als stap 5. De ervaring leert dat als kinderen deze stappen bij de verhaaltjessommen volgen, de kans zeer groot is dat ze de som tot een goed einde brengen.

NB: Dit schema is eigendom van Schoolsupport BV, behorend bij Raak Rekenlijn.

Wat is getalbegrip?

Getalbegrip houdt in dat een kind weet wat de getallen betekenen, hoeveel een getal waard is en wat je ermee kan doen. Een kind zonder getalbegrip rekent aan de hand van trucjes, wat op een bepaald moment niet meer toereikend is. Het ontwikkelen van getalbegrip start als een kind heel jong is en ontwikkelt zich later op school verder in de kleuterklas.

In de rekenmethode wordt in groep 3 tot en met 8 veel aandacht besteed aan getalbegrip. Ook wordt de koppeling naar de praktijk steeds essentiëler. Dus: waar kom je deze getallen en sommen tegen (bijvoorbeeld in een winkel) en hoe reken je er vervolgens mee?

Bij kinderen met dyscalculie ontbreekt overigens het getalbegrip, wat voor hen het rekenen moeilijk maakt.

Waarom leert mijn kind de grote deelsom en niet de staartdeling?

Om goed te kunnen delen, moet een kind weten wat hij/zij aan het doen is. Hierbij maakt een kind gebruik van getalbegrip. Als je een grote deelsom maakt, reken je de deelsom uit met behulp van getalbegrip en een kind ziet hoe groot de getallen zijn die hij/zij van het begingetal af haalt. De staartdeling daarentegen is een trucje die gebruik maakt van de tafelsommen. Hierbij is het voor een kind niet duidelijk wat de waarde is van de getallen zijn die van het begingetal afgehaald worden.

In de tweede helft van groep 8 krijgen de kinderen wel staartdelingen aangeboden in de methode, omdat die werkwijze op middelbare scholen veel gebruikt wordt. Grappig om te weten is wellicht dat veel kinderen die beide manieren beheersen, toch voor de grote deelsom kiezen als ze een deelsom gaan uitrekenen, en niet voor de staartdeling.

Vanaf welke leeftijd kan dyscalculie worden vastgesteld?

Dyscalculie kan worden vastgesteld vanaf het moment dat een kind in groep 6 zit. De reden hiervoor is dat de rekenbasis volledig gelegd moet zijn, voordat uitspraken gedaan kunnen worden over dyscalculie. De rekenbasis wordt aangeboden tot en met eind groep 5.

Wordt de diagnose dyscalculie snel afgegeven?

Het antwoord op deze vraag is in principe ‘nee’. Van alle leerlingen in Nederland, heeft ongeveer 10% een rekenprobleem. Slechts 2 procent van de kinderen heeft een dyscalculieverklaring.  Ter vergelijking: 3 tot 5% van de kinderen heeft dyslexie, al is de inschatting dat het werkelijke percentage dyslecten hoger ligt. Op het moment dat een kind moeite heeft met rekenen kan niet direct worden gesproken van dyscalculie. In de meeste gevallen gaat het om een ernstig rekenprobleem. De leerkracht van uw kind merkt rekenproblemen op en zal ze met een intern begeleider/rekenspecialist bespreken. Op basis daarvan wordt een plan opgesteld om aan de behoeften van het kind tegemoet te komen. Voldoet een kind aan de drie criteria van dyscalculie? Dan is een onderzoek wellicht de beste vervolgstap.

Aan welke drie criteria voldoet iemand met dyscalculie?

De diagnose dyscalculie wordt niet snel afgegeven. Een kind wordt getoetst aan de hand van drie criteria:

Criterium van ernst
Bij dit criterium moet er sprake zijn van een duidelijke rekenachterstand ten opzichte van leeftijdsgenoten. Daarbij komt dat het kind in het dagelijks leven gehinderd wordt door zijn/haar rekenachterstand. Te denken valt aan grote achterstanden op het gebied van rekenen, waardoor de ‘gewone’ lessen te moeilijk blijken te zijn.

Criterium van achterstand
Bij dit criterium is het belangrijk dat het kind in beeld gebracht wordt. De achterstand moet namelijk zichtbaar zijn ten opzichte van wat er van het kind verwacht mag worden. Voorbeeld is een leerling met een bovengemiddelde intelligentie die over het algemeen prima scoort, maar op rekengebied zwakke scores behaalt. Heeft een kind normaal gesproken gemiddelde cijfers en zwakke scores op rekengebied, dan wordt eerder gesproken van een rekenprobleem en dus niet van dyscalculie.

Criterium van didactische resistentie
Dit criterium houdt in dat een kind na intensieve, planmatige begeleiding door een daarvoor gediplomeerde leerkracht/begeleider over langere periode, niet tot nauwelijks vooruit gaat in zijn/haar ontwikkeling. Oftewel: gespecialiseerde hulp mag niet baten.

Wat is dyscalculie?

Er bestaan een hoop vragen rondom het onderwerp dyscalculie. Maar wat is het nu precies? De officiële omschrijving is als volgt:

“Dyscalculie is een stoornis die gekenmerkt wordt door hardnekkige problemen met het leren en vlot/ accuraat oproepen/toepassen van rekenwiskundekennis (feiten/ afspraken), die blijvend zijn ook na gedegen onderwijs.”

Dit betekent dus dat een kind hardnekkige problemen ervaart tijdens het rekenen.  Bovendien ervaart een kind dat het lastig is om de juiste kennis bij de juiste opgave te gebruiken, als hij/zij de benodigde kennis al in huis heeft. Belangrijke opmerking is dat er pas sprake is van dyscalculie als een kind deze problemen blijft houden, ondanks kwalitatief goede begeleiding.

Voor de drie criteria waaraan een kind moet voldoen voordat er sprake kan zijn van dyscalculie, klikt u hier.

Waarom moet je nooit stoppen met het onderhouden van de tafelsommen?

Tafelsommen komen in de rest van je leven terug. Op de basisschool gebeurt dit uiteraard bij opgaven waarbij cijferend wordt vermenigvuldigd, maar bijvoorbeeld ook bij het berekenen van inhoud of oppervlakte. In de hogere groepen zijn tafels helemaal onmisbaar. Bij het optellen of aftrekken van breuken denk je misschien geen tafels nodig te hebben. Maar als de breuken die je optelt ongelijknamig zijn, maak je ze gelijknamig met behulp van tafelsommen.

Hoe kan ik zelf tafelsommen oefenen, of hoe kan ik mijn kind helpen om te oefenen met tafelsommen?

Er bestaan apps waarbij kinderen kunnen oefenen met het flitsen van tafelsommen. Spelenderwijs leren ze zo de tafels door elkaar heen. Bij de meeste apps kan worden ingesteld welke tafels er aan bod moeten komen, hoe snel er geflitst wordt en zo zijn er nog meer beschikbare functies. Het spel ‘tafeltopper’ van Ambrasoft is enorm populair en goed om de tafels te oefenen. Hier moet kennis van de tafelsommen worden gecombineerd met snelheid van oplossen, anders win je de race niet!

Wat is het nut van een tafelkaart?

Op een tafelkaart staan alle sommen met antwoorden weergegeven. Het voordeel hiervan is dat kinderen die moeite hebben met tafelsommen sneller opgaven kunnen oplossen waarin tafelsommen niet de belangrijkste procedure zijn. Daarbij is het zo dat kinderen alleen op de tafelkaart kijken bij sommen waarover ze twijfelen. Voor de som 1×1 zullen ze de tafelkaart niet gebruiken. Door alleen bij de moeilijke sommen te kijken, gaan ze zich die sommen ook eigen maken. Uiteindelijk is de tafelkaart niet meer nodig. Hier kan ook een honderdveld voor gebruikt worden. Bij een honderdveld kunnen kinderen de sommen die ze uit hun hoofd kennen en waarbij ze het honderdveld niet nodig hebben, inkleuren. Alleen de sommen die een kind lastig vindt, blijven over. Op den duur zal ook deze som geautomatiseerd worden en zal het honderdveld niet meer nodig zijn.

Wat zijn belangrijke aandachtspunten bij het oefenen en aanleren van tafelsommen?

Het allerbelangrijkste is dat het geen trucje wordt. Je moet weten wat je aan het doen bent als je een tafelsom uitrekent. Daarbij heeft het weinig zin om elke keer een tafel op te zeggen vanaf 1x tot aan 10x. In het begin kan je dat prima doen, maar op een gegeven moment is het van belang dat de sommen door elkaar gevraagd worden, zodat gecontroleerd kan worden of de tafelsommen echt geautomatiseerd of gememoriseerd zijn. Dit kan heel simpel door middel van het gebruik van apps, maar het kan ook gewoon in de auto, voor het slapengaan of tijdens het eten. Vraag gewoon een minuutje lang willekeurige tafelsommen aan uw kind en u bent de tafels aan het oefenen.

Vanaf wanneer kan iemand tafels aangeleerd krijgen?

Als de basis van het rekenen voldoende aangebracht is, kan een leerling vanaf groep 4 beginnen met het aanleren van de tafelsommen. De lesmethodes in groep 4 steken hierop in en leren de kinderen verschillende strategieën om de tafelsommen in het begin uit te rekenen.

Het belang van tafelsommen

Tafelsommen zijn ontzettend belangrijk op de basisschool. Maar waarom eigenlijk? Het antwoord lijkt simpel: je hebt ze de rest van je leven continu nodig. Een stratenmaker berekent met behulp van de tafels hoeveel tegels hij voor een terras nodig heeft, winkelpersoneel berekent met behulp van tafelsommen hoeveel meerdere artikelen van een bepaald product bij elkaar kost, en ga zo maar door. Daarom is het van groot belang om nooit te stoppen met het oefenen van de tafels.
Lees verder onder de afbeelding.

Lees verder

Op welke manier heeft de school mijn kind in beeld op rekengebied?

De school houdt alle resultaten van de methodetoetsen bij in het leerlingvolgsysteem. Hierin wordt per toetsopgave aangeven of uw kind onvoldoende, matig, voldoende of goed heeft gescoord. Het wordt per toetsopgave duidelijk waar uw kind moeite mee heeft, welke opdrachten voldoende gaan en welke opgaven goed worden beheerst. Scoort uw kind op alle onderdelen van de rekentoets goed? Dan is er wellicht ruimte voor extra uitdaging.

Ook de resultaten van de cito-toetsen komen in het leerlingvolgsysteem terecht. Er kan worden gekeken of er voldoende groei zichtbaar is ten opzichte van het vorige toetsresultaat. De resultaten van zowel de methodetoetsen, als de cito-toetsen worden door de leerkracht van uw kind gemonitord en geanalyseerd. Aan de hand van deze analyse wordt bepaald welke aanpak er met uw kind gevolgd wordt in de rekenles.

Mijn kind scoort goed op de methodetoetsen, maar niet op de cito-toets. Wat nu?

Hier kunnen allerlei oorzaken aan ten grondslag liggen. De leerkracht van uw kind ziet deze verschillen ook en zal deze resultaten analyseren, of zal dit bespreken met de intern begeleider of rekencoördinator. Op basis daarvan wordt besloten welke vervolgaanpak bij uw kind past.

Wat veelal het verschil maakt bij leerlingen die hoog scoren op methodetoetsen en beduidend minder op de cito-toetsen, is het ontbreken van voldoende inzicht in het rekenen. Deze kinderen zien minder snel verbanden tussen opgaven en kunnen complexe opgaven (opgaven waarbij veel stappen moeten worden gezet om tot de oplossing te komen) moeilijk oplossen. U kunt met de leerkracht van uw kind bespreken in hoeverre dit voor uw kind geldt.

Wat is het verschil tussen methodetoetsen en de cito-toetsen?

Het grootste verschil tussen de methodetoets en de cito-toets is dat een methodetoets de beheersing van een kind toetst. Er wordt gecontroleerd hoe goed een kind bepaalde delen van vaardigheden beheerst. Deze vaardigheden zijn de afgelopen weken uitgebreid aan bod geweest in de les. De cito-toets toetst de algehele vaardigheid van een kind op rekengebied. Deze toets is complexer, wat inhoudt dat het opgaven bevat van verschillende moeilijkheidsgraden. In deze toets staan opgaven waarbij verschillende strategieën moeten worden gebundeld om tot het goede antwoord te komen (opgaven vergelijkbaar met redactiesommen). Ook lopen de opgaven uiteen in moeilijkheidsgraad, ze zijn niet altijd passend bij het gemiddelde niveau van een kind op het moment van toetsen. De opgaven kunnen boven of onder dat niveau liggen. Hiermee kunnen verschillen tussen kinderen aan het licht komen. Ook komen sterke rekenaars bovendrijven, die opgaven aankunnen die eigenlijk boven het verwachte niveau liggen.

Enkele verschillen op een rijtje:

  Methodetoets Cito-toets
Soort geheugen Korte termijn; de sommen zijn de afgelopen weken aan bod geweest in de les Lange termijn; opgaven die een beroep doen op kennis uit verschillende leerjaren
Vaardigheden Delen van vaardigheden worden getoetst Vaardigheden als geheel worden getoetst
Normering De uitgever bepaalt de norm van de toets. Je kunt de leerling vergelijken met andere leerlingen uit de klas die dezelfde toets hebben gemaakt. Normering is op basis van een landelijke normgroep. Je kunt een kind vergelijken met ‘de gemiddelde leerling van dezelfde leeftijd’
Frequentie Ongeveer een toets per 5 á 6 lesweken Twee toetsen per schooljaar (januari en juni)
 Voorbereiding De opgaven worden korte tijd ingeoefend, daarna volgt de toets. Opgaven kunnen gaan over verschillende onderwerpen uit de rekenontwikkeling. Voorbereiden is niet nodig.
 
 

 

Moet/kan ik mijn kind voorbereiden op de cito-toets van rekenen?

Nee, dit hoeft niet. De cito-toets sluit aan bij veelgebruikte lesmethodes (waar De Wingerd er een van gebruikt) en bereidt voldoende voor zodat uw kind de cito-toets kan maken. In de cito-toets staan enkele opgaven die boven het niveau ligt dat uw kind dient te beheersen op het moment van afname. Dit is om leerlingen te signaleren die extra uitdaging aankunnen. Wat veel wordt gedaan, is het oefenen van redactiesommen. Dit zijn opgaven die vergelijkbaar zijn met opgaven uit de cito-toets waarbij de vraagstelling kan worden geoefend. De leerkracht bereidt uw kind op een goede manier voor op de cito-toets van rekenen.

Wat meten toetsen die bij de methode zitten?

De uitgever van de lesmethode maakt bij elk blok toetsen. Deze toetsen meten na elk blok hoe goed een kind de kennis en vaardigheden van dat blok beheerst. Voor de leerkracht geeft een methodetoets een helder beeld van welke kennis en vaardigheden worden beheerst en welke nog moeten worden geoefend. Ook kan een conclusie zijn dat een kind extra uitdaging aankan. Ook voor het kind is het na een rekentoets duidelijk welke onderdelen hij/zij beheerst, en welke onderdelen nog niet. Methodetoetsen doen vooral een beroep op het kortere termijngeheugen.

Wat meten de cito-toetsen die de kinderen elk jaar in januari en mei/juni maken?

De uitslag van Cito-toetsen geven een indicatie hoe de vaardigheid van een kind zich ontwikkelt. Er is een standaardscore toegewezen bij elke uitslag, waarmee de toetsen van verschillende leerjaren van een kind te vergelijken zijn. De resultaten van de toetsen geven een beeld van het niveau van een kind. Bij deze toets wordt voornamelijk het langere termijngeheugen getest. Een kind kan worden vergeleken met zichzelf in eerdere leerjaren, met zijn klas, leerlingen van hetzelfde niveau of de normgroep in Nederland (het gemiddelde niveau in Nederland van kinderen op dezelfde leeftijd als uw kind). Op die manier kan een kind dus tijdens zijn/haar gehele schoolloopbaan worden gevolgd. De leerkrachten kunnen de cito-toetsen analyseren om te bekijken waar knelpunten zitten bij een kind. Hier kan vervolgens dan extra hulp geboden worden.

Procentuele stijging berekenen

Ik heb een product in de winkel gezien en wil dat graag voor Sinterklaas vragen. Maar in december kom ik erachter dat mijn product ineens duurder geworden is! Het eerste wat je je dan natuurlijk afvraagt, is: Hoeveel procent is de prijs van mijn product gestegen? Dat kan je berekenen met behulp van deze video. Als je de stappen netjes volgt, kom je altijd op het goede antwoord uit. In de video reken ik alleen met geld. Maar de stappen zijn net zo goed te volgen als je rekent met gewichten of andere getallen. Heel veel succes!

(De video wordt op sommige momenten heel even onscherp door een nog onbekende oorzaak. Zodra de oorzaak bekend is, zal ik het proberen te herstellen!)

 

Werkstuk inhoud

Problemen met het maken van de inhoud van je werkstuk? Kijk dan deze video en alles komt goed! Je hoeft niet alles te kijken, je kunt doorspoelen naar het stuk wat jij nodig hebt.

– Voor informatie over het voorwoord: spoel door naar 0:18
– Voor informatie over het nawoord: spoel door naar 0:43
– Voor informatie over de bronvermelding: spoel door naar 1:20
– Voor informatie over de schrijftaal: spoel door naar 2:18
– Voor informatie over de hoeveelheid informatie: spoel naar 3:26

Werkstuk opmaak

Ben jij ook zo aan het stoeien met de opmaak van je werkstuk? Stop daar dan mee en kijk deze video! In deze video leg ik uit hoe je voldoet aan alle eisen waar ons werkstuk aan moet voldoen. Ook laat ik handige manieren zien om bijvoorbeeld een inhoudsopgave te maken. Als je niet alles wilt zien, maar een stukje, kijk dan waar je naartoe moet doorspoelen:

– Voor de voorpagina: start bij het begin van het filmpje
– Voor een trucje om snel naar de volgende pagina te gaan: spoel door naar 3:03
– Voor de inhoudsopgave: spoel door naar 3:28
– Voor de uitleg over kopteksten: spoel door naar 4:08
– Voor het bijwerken van de inhoudsopgave: spoel naar 6:26
– Voor de uitleg om paginanummers toe te voegen: spoel door naar 6:53
– Voor het invoegen van afbeeldingen: spoel door naar 7:34
– Voor het invoegen van een tekstvak: spoel door naar 8:34

De grote deelsom

Als je een groot getal gaat delen door een kleiner getal, kan je gebruik maken van de grote deelsom. Tot halverwege groep 8 MOET je dat zelfs doen. Daarom is deze video speciaal voor de kinderen die in groep 6 en 7 zitten. Je kan de video gebruiken om grote deelsommen uit te rekenen. Ook heb ik een handig hulpblad om hulprijtjes te maken bij de grote deelsommen gemaakt. Heel veel succes!

Hieronder kan je werkbladen downloaden om de sommen te oefenen:
Grote deelsommen, werkblad 1
Grote deelsommen, werkblad 2

Hieronder kan je de antwoorden van de werkbladen downloaden om je sommen na te kijken:
Grote deelsommen, antwoorden werkblad 1
Grote deelsommen, antwoorden werkblad 2